.: 2002-2003  Deel 2 :.

02-03 Deel    2 05-06 Deel 1 2 08-09 Deel 1 2  
03-04 Deel 1 2 06-07 Deel 1 2 09-10 Deel 1 2  
04-05 Deel 1 2 07-08 Deel 1 2

 

 


Lees recensie >>>

18 03 2003
 

Regie:
Scenario:
Fotografie:
Montage:
Vertolking:

L'AUBERGE ESPAGNOLE Frankrijk
Spanje
2002 115'

Cédric Klapisch
Cédric Klapisch
Dominique Colin
Francine Sandberg
Romain Duris (Xavier)
Cécile Defrance (Isabelle)
Judith Godreche (Anne-Sophie)
Audrey Tatou (Martine)

‘Leven, helpen leven en laten leven ?’

Deze aanvallige komedie schetst de belevenissen van een groep studenten uit verschillende Europese landen die, in het kader van het ‘Erasmus’-project, een jaartje bijstuderen in de Catalaanse hoofdstad. De titel verwijst naar het slecht georganiseerd samenhokken in een studentenhuis waar verschillende nationaliteiten mekaar ontmoeten. Dat ontmoeten is overi-gens belangrijker dan de studies : alles is aanleiding voor een hele reeks gebeurtenissen die hen wijzer maken in het leven, ver van de voorbestemde carrière die hen wacht. Dit ontspan-nend ‘haasje-over’ is meteen een ‘ éducation sentimentale’ van jongeren in ontwikkeling, op zoek naar zichzelf. Dat regisseur Cédric Klapisch de humoristische toer opgaat, kwistig leuke opmerkingen rondstrooit en personages met lichte toets karakteriseert, de plot manipuleert, is meegenomen, omdat het hoog tijd is dat er nog eens een plezierige film te bekijken valt. Komedie is immers een moeilijk vak, situatiekomedies nog het meest. Veel hangt af van het ritme en de wisselende situaties die toch enige structuur dienen te hebben wil de film zijn doel niet voorbij schieten. Molière was van oordeel dat komedie ook enige inhoud moet prijsgeven, liefst op een leutige, speelse, geestige manier. Maar ook dit wist hij : geen komedie zonder uitgekiende verhaallijn, vol verrassingen en, uiteraard, wervelend vertolkt, naar karakter en situatie. Een heel programma dus. Dat Cédric Klapisch de kijker blijft bekoren, heeft zo zijn redenen.

Er is vooreerst de ‘nationaliteitenkwestie’ die een aantal pittige verschillen blootlegt. De onderlinge relaties tussen de bewoners van het pand kennen een wisselend verloop, de evoluties van de gevoelens zijn niet meteen voorspelbaar. De typering van de personages is evenmin statisch, terwijl de ervaringen van de betrokkenen aanleiding geven tot enige ontboezemingen die kunnen tellen. De regisseur maakt het zich overigens niet meteen makkelijker door vrij conventionele jongeren samen te brengen in een minder traditionele context. Samenleven met ‘vreemdelingen’, ook al zijn ze ‘student’, is niet meteen voor iedereen evident. Door hun samenzijn vallen evenwel een paar vastgeroeste meningen weg, doorbreken ze de banaliteit en krijgt ook hun leventje kleur, het volle leven achterna.

Klapisch tovert zijn film om tot een ‘pastiche’, vermengt filmgenres, gebruikt digitale effecten, versnelt of vertraagt de actie in functie van zijn opzet : een luchtige zeepbel blazen à la ‘Amélie Poulain’. Behalve de spetterende begingeneriek en de onbevangen benadering van personages en hun mentaliteit, is er niet meteen een link te leggen. Klapisch speelt duidelijker in op de ‘boulevard’- komedie en is minder strak in zijn plotontwikkeling. Elegant en lichtvoetig peilt hij terloops naar gevoelens en ideeën in evolutie en laat daarbij geen kans onbenut om genres te doorprikken op het moment dat hij ze hanteert. Bovendien ontpopt hij zich tot een knap regisseur van acteurs bij wie hij ‘le naturel’ verkiest boven ingestudeerde nummertjes. Dat verklaart meteen het plezier dat bij momenten afstraalt van de vertolkers, in de hitte van de strijd. Want relaties verkennen, zijn domein afbakenen, zijn plaats en persoonlijkheid vinden, staat ook wel eens gelijk met strijd, onderling, alleen of in duo. De charme van deze olijke film ligt vooral in de vertelstructuur die overkomt als een mozaïek van bijna toevallige opmerkingen, ideetjes, ontmoetingen, misverstanden en amoureuse verwikkelingen. Dat de regisseur tempo weet te houden en geen van zijn personages uit het oog verliest, is geen kleine verdienste. Dat hij hun emoties in juiste banen leidt en goedkope effecten vermijdt, is een opmerkelijk pluspunt. Om al deze redenen waarborgt ‘L’Auberge espagnole’ een verkwikkende, pittige, plezierige en deugddoende filmavond : de boog hoeft immers niet altijd gespannen te zijn, niet ? Ook een film mag een glimlach waard zijn. Vandaar. Een moment van ontspanning, vol knipoogjes naar hedendaagse toestanden. Wat wil een mens nog meer, af en toe ?