|
Op het Schotse Clyde Canal, tussen Glasgow en Edinburgh,
vervoert een trio een vracht kolen : de schipper, zijn
echtgenote en de jong aangeworven Joe leven samen in een kleine
ruimte die hun onderlinge verhouding op de proef stelt.
Regisseur David Mckenzie bouwt de spanning volledig op vanuit de
karaktertekening : een zeldzame krachttoer vandaag de dag.
In een vrij naturalistische sfeer zoeken de emoties van het trio
een uitweg, onderhuids en stiekem, steels en verdoken, in de
rand van hun beroepsactiviteit, even grauw en grijs als hun
omgeving. Joe is niet meteen de meest spraakzame, de schipper
gelijk. Ella, diens vrouw, houdt zich meer bezig met de kleine
Jim (hun zoontje), vermits hun relatie niets boeiender te bieden
heeft. De stiltes worden tussentijds doorbroken wanneer de
mannen het lijk opvissen van een jonge vrouw, een feit dat hun
grauwheid enigszins kleur geeft en hun schaarse gesprekken
kruidt.
Toch hangt er mettertijd meer elektriciteit in de woonruimte
waar het trio ogenschijnlijk naast mekaar leeft. Tot de vonk
overspringt. In hun bekrompen decor lijkt enkel lichamelijkheid
een afleiding in hun routineus bestaan.
De titel van deze intrigerende film over gewone mensen laat
vermoeden dat een nieuwe ‘zondeval’ in de maak is. Dit gevoel
wordt nog verstekt door de donkere melancholie die ook de Franse
film uit de dertiger jaren typeerde in o.a. ‘L’Hôtel du Nord’,
‘La Bête Humaine’ en ‘Le Jour se lève’. Vooral het
schippersdrama ‘L’Atalante’ van Jean Vigo speelt mee in de
herinnering. Het opvissen van het lijk is meteen de katalysator
van een menselijk gebeuren waarin verantwoordelijkheid en
betrokkenheid een innerlijke strijd leveren met eigenbelang,
lafheid en een dof opportunisme. Relaties doorkruisen het
parcours, verklaren geleidelijk de reacties van de betrokkenen
op de diverse gebeurtenissen die eigenzinnig worden verwerkt.
Maar wie niet eerlijk is, zit vrij gauw met een schuldgevoel dat
men niet makkelijk kwijtraakt.
Deze existentiële fabel ademt een soort morele
onverschilligheid, verdoving of verzonkenheid uit die regelrecht
aanknoopt bij de ‘outcast’-mentaliteit van mensen die niet bij
de maatschappij of een sociale omgeving aansluiten,
‘vreemdeling’ zijn voor anderen, ‘Etranger’, zoals bij Albert
Camus. Communicatie met derden is een permanent probleem. Is hun
isolement een veilige keuze of is Joe is veeleer een ‘profiteur’
van de gevoelens van anderen. Hij blijkt niet opgewassen tegen
feiten en problemen waarmee het leven hem plots opzadelt.
Vluchten via de kanaalroute loont evenmin. ‘Young Adam’
onderzoekt, met een sluipende camera en op de tonen van de
sfeerrijke melancholische muziek van Gabriel Byrne, menselijke
gevoelens, sensualiteit en emoties die niet altijd in balans
blijven : behoeften en verborgen gevoelens wegen zwaarder door
dan sociale verantwoordelijkheid bij deze personages die de
vrijgevochten en libertijnse beatgeneratie belichamen, zoals
blijkt uit het boek ‘Young Adam ‘ van Alexander Trocchi (1958).
De dubbelzinnige houding van Joe wordt magistraal vertolkt door
een sublieme Ewan McGregor die evenwel prachtig weerwerk krijgt
van Tilda Swinton (Ella) en Peter Mullan (de schipper, maar ook de regisseur van ‘The Magdalene Sisters’ en
van ‘My Name is Joe’). Je vraagt je af of alleen
levensomstandigheden en erfelijkheid het gedragspatroon bepalen,
zoals Emile Zola beweerde en beschreef in zijn romans. ‘Young
Adam’ is in elk geval een sobere film die indringende vragen
stelt over verontrustend onverschilligheid en vlucht voor
verantwoordelijkheid. Nieuwkomer David Mckenzie maakte
ontegensprekelijk een spraakmakende film, vol sfeer, passie en
twijfelachtige ‘oplossingen’. ‘Young Adam’ wordt ongetwijfeld
een beklijvende kijkervaring, ‘langs de kade’. Een forumfilm die
discussie uitlokt. Vooral als de mist rond je hoofd is
verdwenen.
|