.: 2005-2006  Deel 1 :.

02-03 Deel    2 05-06 Deel 1 2 08-09 Deel 1 2  
03-04 Deel 1 2 06-07 Deel 1 2 09-10 Deel 1 2  
04-05 Deel 1 2 07-08 Deel 1 2

 

 

Lees recensie >>>

Officiële site

13 09 2005

Regie:
Scenario:
Fotografie:
Montage:
Muziek:
Vertolking:

DER UNTERGANG Duitsland 2004 154'

Oliver Hirschbiegel
Bernd Eichinger
Rainer Klausmann
Hans Funck
Stephan Zacharias
Bruno Ganz, Alexandra Maria Lara, Corinna Harfouch, Ulrich Matthes, Juliana Köhler, Heino Ferch

‘Mens en systeem : de ultieme ontknoping’

Hoe we het ook draaien of keren, Hitler blijft 60 jaar na het einde van W.O. II tot de verbeelding spreken. De stroom publicaties (artikels, biografieën, essays, historische romans, …) neemt elk jaar in omvang toe en ook op Canvas worden er telkens weer nieuwe documentaires over Hitler en zijn naaste omgeving uitgezonden.
Daarnaast werden er in de voorbije decennia ook talloze films gemaakt over 1 van de donkerste figuren uit de geschiedenis van de mensheid.
Meestal echter werd hij voorgesteld als een losgeslagen monster, een volslagen onmens in de ware zin van het woord, waardoor hij a.h.w. buiten de mensheid geplaatst werd en meteen ook een handig alibi bood om zich achter te verschuilen. Hitler was geen mens en dus moeten wij, mensen, ons niet al te veel zorgen maken; een eventueel schuldgevoel wordt er metreen ook een stuk draaglijker door gemaakt.
Nu eens werd hij als een gesjeesd kunstenaar opgevoerd, dan weer als een megalomane maniak of als een schertsfiguur. Als hem al enige nuance werd toegedicht, dan spreekt hij Engels met een mal Duits accent zoals in “The Bunker” uit 1981.

Hitler, kortom, was in de meeste films tot nu toe een onecht personage. De verbeelding van Hitler als een clownesk dan wel grotesk monster draagt een impliciete maar niet mis te verstane betekenis met zich mee; als Hitler geen normaal mens was, dan was Auschwitz geen mensenwerk. Handig voor de Duitsers, als volk van daders: hoefden ze zich niet meer met hem in te laten. Het monster Hitler gold als een duivelse afgezant, en de holocaust was het resultaat van zijn demonische systeem.

Toen producent en scnearioschrijver Bernd Eichinger het plan opvatte Joachim Fests historische roman “Der Untergang” te verfilmen, over de periode tussen Hitlers 56ste verjaardag op 22 april 1945 en zijn zelfmoord op 30 april, besefte hij dat hij een delicaat onderwerp aanroerde. Hij verwachtte enig rumoer, zeker in zijn geboorteland Duitsland waar de Führer als het grootste spook uit het verleden nog altijd dominant aanwezig is. Het spook is deel van de Duitse en Europese identiteit geworden. Juist daarom, vindt Eichinger, moet dat spook recht in de ogen worden gekeken. Het moet gekend worden, in al zijn naaktheid.

De première was goed gepland: op het moment dat Europa zich na een forse uitbreiding dient te herdefiniëren, biedt “Der Untergang” de kans Hitlers strijd en Duitslands misdadige verleden nog eens in een scherp licht te bekijken. Hitler is net zo goed uit de Europese geschiedenis voortgekomen als de euro en de Europese Unie.

Eichinger nam het zekere voor het onzekere. Hij baseerde zich niet alleen op het werk van de historicus en Hitler-biograaf Fest, maar putte voor zijn scenario ook uit het dagboek “Bis zur letzten Stunde” van Traudl Junge, Hitlers persoonlijke secretaresse die pas enkele jaren geleden haar ervaringen durfde te openbaren. Eichinger liet bovendien zijn scenario door historici controleren. “Der Untergang” moest en zou een historisch accuraat beeld van Hitler schetsen, ontdaan van mystificaties en mythen.

De Führer moest weer de man worden die hij was volgens degenen die hem van nabij hebben meegemaakt. Driftig en dominant, maar in het dagelijkse verkeer een prima chef. Vriendelijk en geïnteresseerd. Lief voor de kinderen van Joseph Goebbels, dol op zijn hond Blondie en op liederen van Wagner en Strauss.
Een voorkomend heerschap dat een groep solliciterende vrouwen, nerveus hun beurt afwachtend op een gang, onmiddellijk op het gemak stelt. Als de jonge dames hem met 'Heil mein Führer' begroeten, dan maakt hij met een klein gebaar duidelijk dat deze formaliteit voor hem niet hoeft. Zelfs vlak voor zijn dood houdt Hitler het netjes; hij prijst de kokkin voor de maaltijd die zij opdient. Hij proeft voorzichtig van de ravioli met tomatensaus, en spreekt met samengeknepen ogen zijn oordeel uit: 'Gut!'

Der Untergang is een film met twee gezichten. Kapotgebombardeerd Berlijn, in de nadagen van de Tweede Wereldoorlog, vormt de buitenwereld. De binnenwereld bestaat uit Hitlers bunker, in het ondergrondse Berlijn. In dit cellencomplex voert de dictator tot zijn dood het bevel over het Duitse leger. Het is op die plek dat hij in de aprildagen van 1945, tot ontsteltenis van zijn generaals, weigert zijn verlies te accepteren. Hitler kiest in de schuilplaats - waar voor schuld, berouw en boetedoening geen plaats is - voor de politiek van de verschroeide aarde. Het Duitse volk verdient in zijn optiek niet beter. 'Sie werden bezahlen mit Ihrem eigenen Blut', briest hij nadat hij tijdens een topoverleg op voorzichtige twijfel is gestuit.

In de scènes boven de grond, op straat in Berlijn, is het gevolg van zijn hybris te zien: geallieerde bommen en granaten bezegelen het lot van duizenden angstige en uitgehongerde burgers. Vermeende deserteurs en landverraders worden door hun landgenoten opgehangen, jongetjes rennen in soldatenkleren en met afweergeschut door de wijk. In de lazaretten creperen soldaten. Medici zagen aan de lopende band benen en armen af, die vervolgens met een doffe plof in een afvalbak vallen.
Terwijl de Russische tanks tegen een decor van dood en verderf richting de Brandenbur- ger Tor oprukken, geeft Hitler de bevelen aan legereenheden die al lang niet meer bestaan.

Eichingers verwachting dat de film discussie zou losmaken, is meer dan uitgekomen. Sterker: “Der Untergang” beheerste in de weken voor de wereldpremière het Duitse nieuws. Historici schreven opiniërende stukken over de wenselijkheid van een 2,5 uur durende Hitler-productie omdat de dictator hiermee te mainstream zou worden. Bovendien: wat was het nut van een nauwgezette reconstructie? Wat leert “Der Untergang” het publiek over het fascisme?
De Engelse boulevardpers deed er nog een schep bovenop: die zag in de film de eerste aanzet tot een rehabilitatie van Hitler.

Zoals gebruikelijk bij dit soort mediahypes werd de kritiek veelal geleverd door mensen die de film nog niet hadden gezien. Na de première, de goede kritieken en de hoge bezoekcijfers - in Duitsland ruim 3 miljoen bezoekers in 27 dagen - werd het stil. Totdat Wim Wenders zich, half oktober, in de discussie stortte en Bernd Eichinger en Oliver Hirsbiegel in Die Zeit verweet dat zij de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog bagatelliseren.

Wenders noemde de neutrale positie die de filmmakers hebben ingenomen 'ongelooflijk irritant'. Beelden hebben volgens hem 'een helder standpunt' nodig, en dat zou “Der Untergang” ontberen. Zo ergert Wenders zich eraan dat de dood van Hitler en Goebbels niet in beeld worden gebracht. 'Waarom verdienen zij een waardige afgang, terwijl alle anderen, goede en slechte Duitsers, zomaar worden afgeknald? Waarom niet tonen dat dit varken eindelijk dood is?'

Met deze snoeiharde kritiek gaat Wenders, die in “Der Himmel über Berlin” (1987) de Duitse, naoorlogse identiteitscrisis vastlegde, volledig voorbij aan het heldere uitgangspunt van Eichinger: een film maken die Hitler toont zoals hij zeer waarschijnlijk was - een charismatisch leider die de wil van de meeste Duitsers belichaamde en die als vanzelf de macht naar zich toe kon trekken.

De blik waarmee in “Der Untergang” naar Hitler en consoorten wordt gekeken is de blik die toebehoort aan Traudl Junge, het Beierse meisje dat door haar positie Hitlers vertrouwelinge werd. De film deelt haar verbazing, opwinding, afkeer, ontzag en vertwijfeling.
De keuze om Hitlers laatste dagen door de ogen van de jongste bediende te laten zien, is een belangrijke dramatische ingreep, waaraan de film een groot deel van zijn uitzonderlijke kracht dankt. De makers vertellen niet van een veilige afstand of vanuit een ivoren toren hoe het zat. Integendeel. Door de positie van de secretaresse in te nemen, plaatsen zij de bioscoopbezoeker midden in een fout gezelschap, midden tussen mensen die Hitler trouw blijven tot aan zijn dood. Hier worden de hoofdrollen gespeeld door types die met hun volle verstand meewerken aan Hitlers moordmachine. Die uitgangspositie confronteert de bezoeker van “Der Untergang” met de leef- en denkpatronen zoals die in het hart van het Derde Rijk gebruikelijk waren. De waanzin van de oorlog wordt inzichtelijk gemaakt.

De scènes in de bunker ontvouwen de psyche van het nazisme. De dwangneurose van de nazi-top, door de geschiedenis aangewakkerd, heet Adolf Hitler. De vraag hoe het mogelijk was dat niemand Hitler in die dodelijke aprildagen tot stoppen maande, wordt met de inkijk in de psyche van de nazi-top beantwoord. De meelopers waren niet in staat zijn opdrachten te negeren. Ze twijfelen wel, voelen soms weerzin, maar de stemmen in hun hoofden laten het niet toe - een mechaniek waarover regisseur Oliver Hirschbiegel eerder “Das Experiment” (2000) maakte, ook al een film die onder- streept dat de kloof tussen gewone mensen en beulen niet zo groot is.

“Der Untergang” maakt optimaal gebruik van de kracht die het medium film bezit: hij doorbreekt de zwijgzaamheid van het Duitse schuldgevoel en vertelt de beschaamd makende herinnering aan de oorlog in geuren en kleuren door. De blockbuster als geschiedenisles.

Eichinger en Hirschbiegel begrijpen dat Europa alleen met de grootst mogelijke openheid uit het diepste dal van haar geschiedenis kan kruipen. Hun film, gemaakt voor een groot publiek, geeft de reusachtige tragedie van de Tweede Wereldoorlog een gezicht. Een doodnormaal, menselijk gezicht, waar niets clownesks of idioots aan te bespeuren is. Het ziet eruit als een oudere man met een trillende hand. Of als Traudl Junge. Een mooie vrouw met Bambi-ogen, die gewillig de moordzuchtige gedachten van haar baas op papier zet omdat ze het comfort van een baan verkiest boven een schoon geweten.

"Der Untergang" heeft geen moralistische ondertoon en geeft geen mening of antwoorden, maar bij het verlaten van de bioscoop is er geen enkele twijfel mogelijk over de ellende die het Nazi-regime heeft aangericht. En de angst van veel mensen dat Hitler door hem uit te beelden als mens sympathie op zou wekken is naar mijn mening volkomen ongegrond.

De ophef rond “Der Untergang” heeft misschien vooral te maken met de schok dat een van de grootste oorlogsmisdadigers uit de geschiedenis een man van vlees en bloed blijkt, en geen grotesk monster. Dit besef is essentieel. Als monster plaats je Hitler namelijk buiten de realiteit, terwijl het juist belangrijk is te erkennen dat extremisme des mensen is, en van alle tijden. Alleen op deze manier kunnen wij leren van de geschiedenis.

Dat deze film staat of valt met de vertolking van Hitler, hoeft geen betoog. Wat de 63-jarige Zwitserse acteur Bruno Ganz in deze film doet is ronduit fenomenaal.
Meesterlijk houdt hij de balans tussen de menselijkheid en de slechtheid.
Tot in de puntjes heeft Ganz zich op zijn rol voorbereid. Zo maakte hij bijvoorbeeld dankbaar gebruik van een 11 minuten durende unieke tape die opgedoken is in 1992 en waarop te horen is hoe de Führer in de normale omgang klonk. Hitlers gewone spreekstem werd immers in juni 1942 door een radiotechnicus in het geniep opgenomen toen hij onverwacht op een feestje verscheen om de Finse veldmaarschalk Mannerheim te feliciteren met zijn 75ste verjaardag.
Joachim Fest, naar wiens boek de film is vernoemd, erkende een siddering te hebben gevoeld bij de aanblik van de Hitlervertolking van Ganz en ook de gerenommerde Britse historicus en Hitler-biograaf Ian Kershaw was onder de indruk van de historische nauwkeurigheid.

De decors in “Der Untergang” zijn spectaculair, het gebruik van licht en sounddesign indringend. De muren van de bunker komen op je af en het constante doffe gedonder van de Russische bombardementen is om gek van te worden.
Voor de opnames is de ganse crew naar Sint-Petersburg getrokken omdat de architectuur daar het best die van de gebouwen in Berlijn in ’45 benaderde. In de filmstudio’s in Munchen werd de Führerbunker minutieus nagebouwd.

Intussen hebben miljoenen mensen deze film gezien en na lange discussies en pas nadat overlevenden van het Derde Rijk als proefpersonen de film hadden bekeken en met een opmerkelijke meerderheid hun goedkeuring hadden gegeven, werd deze film in april ook in Israël gereleased. Ook U mag deze indrukwekkende film niet missen!!!