
Officiële site
met trailer |
17 01 2006
Regie:
Fotografie:
Montage:
Vertolking:
|
|
L'ENFANT |
België
Frankrijk |
2005 |
95' |
Jean-Pierre en Luc Dardenne
Alain Marcoen
Marie-Hélène Dozo
Deborah François (Sonia), Jérémie Renier (Bruno), Olivier
Gourmet
(politieman), Jérémie Segard (Steve), Fabrizio Rongone
|
|
|
Kindervreugde of ballast?
 |
Na de successen van Rosetta (Gouden Palm voor de beste film en
voor de beste actrice), Le fils (Gouden Palm voor de beste
acteur) behaalden de gebroeders Dardenne met L’enfant de Gouden
Palm voor de beste film op het jongste filmfestival van Cannes.
Weinige regisseurs deden hen dit voor.
Wie ooit een film van de gebroeders Dardenne heeft gezien zal
erkennen dat de twee broers knappe en originele films maken maar
toch leeft er bij het brede publiek duidelijk meer respect dan
liefde. Het blijft voor velen doorbijten, zo’n Dardenne-film,
temeer omdat beide regisseurs niet afwijken van hun
basisdoelstelling : directe, compromisloze cinema maken over
mensen aan de rand van onze maatschappij waar zij hun plan
moeten trekken om te overleven. Ook met L’enfant leveren zij een
brok authentieke, uit het leven gegrepen cinema af die zonder
pathos of psychologische analyse de kijker geen seconde loslaat
om hem tot in het diepst van zijn hart te beroeren. Ook nu kozen
zij als natuurlijk decor hun geboortestad Seraing waar
werkloosheid, sociale verloedering en morele malaise heersen na
de teleurgang van de kolen- en staalindustrie. In L’enfant
richten zij hun sociaal bewogen camera op een jong, marginaal
koppeltje dat zopas een eerste kind heeft gekregen. Hoewel zij
geen dak boven het hoofd heeft en van een uitkering leeft, is de
achttienjarige Sonia (een zoveelste ontdekking van een
natuurtalent) niet weinig blij wanneer zij de pasgeboren Jimmy
aan haar vriendje Bruno kan tonen, de jonge vader van het kind.
Deze is verre van geïnteresseerd en voelt zich bijlange niet
rijp om de verantwoordelijkheid van het vaderschap op zich te
nemen. De titel L’enfant kan dus evengoed op de vader als op de
baby slaan. Bruno (schitterend vertolkt door Jérémie Renier die
precies 10 jaar geleden in La Promesse debuteerde) houdt zich
liever bezig met bedelen, gokken en stelen dan met het zoeken
naar een vaste baan. Zijn onverschilligheid tegenover alles en
iedereen is schokkend. Een berekende schoft is hij echter niet.
Hij houdt van Sonia, al beseft hij nauwelijks wat dat precies
betekent. Ogenschijnlijk is hij niet in staat tot echte
gevoelens. Hij is een jongen die voortdurend wil doen waar hij
op dat ogenblik zin in heeft. Nooit denkt hij aan de gevolgen
van zijn daden. Net dat wordt hem bijna noodlottig. In een vlaag
van onbezonnenheid doet hij iets verschrikkelijks. Vrij snel
probeert hij zijn fout te herstellen maar hij komt in een
neerwaartse spiraal terecht.
Sonia daarentegen heeft wel verantwoordelijkheidszin. Koppig en
vastberaden etaleert zij dezelfde woede, onverzettelijkheid en
wilskracht als Rosetta in 1999. Zij blijft van Bruno houden en
zij is zelfs in staat het onvergefelijke te vergeven. Precies
deze houding van Sonia zal Bruno tot inkeer doen brengen. In
zijn dooie eentje legt hij een hele weg af waarbij moreel besef
en menselijke gevoelens in hem ontdooid worden. Stilaan wordt
hij volwassen, stilaan wordt hij mens. Logisch dat Bruno en
Sonia eerst door een tranendal moeten alvorens de brokstukken te
kunnen lijmen. Het drama loopt uit op een diep ontroerende
slotscène die zonder enig vals sentiment toch ruimte laat voor
een straaltje hoop.
Als toeschouwer sympathiseer je met de personages, ook al doen
zij niet altijd aanvaardbare dingen. Samen met hen onderga je
dezelfde gevoelens van angst, verlangen, liefde, haat, schuld,
berouw, boete, verlossing en hoop. Het creëren van deze
intimiteit heeft natuurlijk te maken met de zo typische
mise-en-scène van de Dardennes die gekarakteriseerd wordt door
absolute soberheid en uitgepuurd realisme. Met een dwingende
cameravoering gekoppeld aan geladen stiltes laten zij de kijker
geen seconde los. Er is geen plaats voor ondersteunende muziek,
speciale effecten of overbodige nevenintriges. Er wordt gefilmd
op locatie. De dialogen zijn levensecht. De montage is sec en
rechtlijnig. Door de harde klankband worden de schurende
geluiden van de troosteloze omgeving nog uitvergroot.
Toch is L’enfant de meest serene, de meest toegankelijke,
misschien wel de meest aangrijpende film van de Dardennes. Nu
eens opgediend als een beklemmend docudrama, dan weer als een
ontroerende love story of als een raszuivere thriller (de
achtervolgingsscène is adembenemend gefilmd), komt de
geliefkoosde thematiek van de regisseurs bovensijpelen : de
afwezige vaderfiguur, de verloren zoon, schuld en boete (thema’s
die ook in hun vorige films aan bod kwamen). Zo raken zij met
deze onderhuids wurgende, doorleefd meesterlijke en voor een
ruim publiek even toegankelijke al louterende parel aan de
cinematografische perfectie. Een terechte Gouden Palm ! Als
toeschouwer verlaat je de zaal met gemengde gevoelens : geschokt
en toch gelukkig en hoopvol, het hoofd en het hart doordrongen
van vragen en emoties die blijven nazinderen.
Om te besluiten toch nog twee randbemerkingen. Het zou bijzonder
fijn zijn mocht deze nieuwe overwinning van de auteurscinema de
Dardennes ook in eigen land, en dan vooral in Wallonië zelf, het
welverdiende succes opleveren. En toen men in een Vlaams
tijdschrift vroeg aan de Dardennes waarom zo’n internationaal
succes de Vlaamse film nog niet te beurt gevallen is, pleitten
zij voor meer samenwerking tussen de Vlaamse en de Waalse
cinema. Trouwens, zij hebben met hun eigen productiemaatschappij
ooit de film Daens meegeproduceerd en zij zijn van plan
hetzelfde te doen met de nieuwste film van Patrice Toye. Is dit
geen piste die men in Vlaanderen ook moet bewandelen in het
post-VAF tijdperk?
|
|
 |
|