|
Van ‘Het penseel der liefde’ tot ‘De vaginamonologen’ – we liggen
er vandaag niet meer wakker van wanneer iemand zich geroepen
voelt om van seksualiteit een wetenschap te maken. Dat was zo’n
65 jaren geleden wel even anders. Een zekere Alfred Kinsey,
bioloog en psycholoog, voelde de behoefte van jonge mensen van
zijn tijd aan, om meer te weten over hun eigen en andermans
seksualiteit. Tijdens een cursus seksuele opvoeding voor pas
getrouwde koppels viel het hem immers op hoe onwetend die jonge
mensen wel waren. Daarom besliste hij om een overkoepelende
studie aan dit onderwerp te wijden, waarmee hij zijn fascinatie
voor de galwesp (die hem een doctoraat had opgeleverd) tijdelijk
opzij schoof. Tien jaar later kon hij de eerste resultaten van
zijn onderzoek voorstellen in zijn Kinsey-report, officieel
Sexual Behavior in the Human Male. Het boek kwam net op het
juiste moment, sloeg in als een bom en haalde op enkele maanden
tijd een oplage van meer dan 200.000 exemplaren. De resultaten
heften de lakens op die altijd zedelijk over seksualiteit
gedrapeerd lagen. De eerste conservatieve tegenstemmen lieten
zich horen, maar het was pas 5 jaar later, met de publicatie van
Sexual Behavior in the Human Female, dat er massaal tegenprotest
kwam. Niet in het minst allerlei traditionele
vrouwengroeperingen. De aanpak van Kinsey was nieuw. Hij
ontwikkelde een eigen interviewtechniek, die zo veel mogelijk
openheid en objectiviteit probeerde te scheppen, zonder enige
vorm van be- of veroordeling. Zijn uitgangspunt was dat
‘normaal’ niet bestaat, zeker niet op het gebied van
seksualiteit, want ieder levend wezen is uniek. Vandaar dat we
gerust mogen zeggen dat Kinsey aan de wieg stond van wat men
later is gaan omschrijven als de ‘seksuele revolutie’. Veel is
er veranderd in de tussenliggende decennia, is de eerste
bedenking van de meeste Europese toeschouwers na het zien van de
biopic over deze Kinsey. Gelukkig maar, zullen sommigen er aan
durven toevoegen. Maar eerlijkheidshalve moeten we verder de
vraag stellen of er wel zo veel veranderd is? Of we, ondanks de
overvloed aan ‘bloot en spelen’, wel echt opener en meer
onbevangen staan tegenover seksualiteit? Of we echt alle gêne en
ongemak terzijde hebben geschoven? Misschien is er nog wel een
heel stuk weg af te leggen, al blijft de vraag open hoe ver die
weg ons kan, mag of moet leiden. Kijken we naar de Amerikaanse
geschiedenis van de laatste halve eeuw op dit vlak, dan zijn er
mensen, zoals de hoofdacteur Liam Neeson (van Ierse afkomst) die
luidop stellen dat er voor veel Amerikanen nog niets veranderd
is. Zelfs integendeel, dat het klimaat nog ongunstiger is
geworden, zodat seksuologen elkaar gecodeerde boodschappen
doorsturen uit schrik om hun subsidies kwijt te spelen. De
rechts conservatieve evangelicale achterban van de huidige
president Bush speelt zonder twijfel een hoofdrol in dat
hedendaagse puritanisme.
Geen overbodige luxe noch risicoloze onderneming dus om een
film te maken die een positief beeld ophangt van de man die voor
sommige Amerikanen nog steeds de duivel in eigen persoon is.
Volgens tegenstanders lagen eigen seksuele obsessies aan de
basis van zijn onderzoekingen. De film verweeft ook persoonlijke
en wetenschappelijke motieven die Kinsey gebracht hebben tot
zijn onderzoek, maar zonder daar een probleem van te maken. Zijn
extreem conservatieve ouders, zijn biologische interesse, zijn
ervaringen met studenten, zijn eigen huwelijksleven, … Al deze
ingrediënten vormen de basis voor het aangename en licht
verteerbare beeld van een man en zijn tijd. De man en zijn vrouw
worden daarenboven volgens Kinsey’s eigen interviewmethode
uitgenodigd om over hun eigen leven te vertellen. Dit gegeven
doorbreekt het klassieke rechttoe, rechtaan patroon van de
biopic. Het resultaat is een aangename film met een reeks knappe
acteerprestaties en een verzorgde technische afwerking. Geen
cinematografische standjes of artistieke vrijerijen, maar een
degelijk verhaal in een fijne verpakking. Verleden tijd of
uitdaging naar de toekomst, daar mag u zelf over oordelen.
|