
Officiële site
met trailer |
07 03 2006 Regie:
Scenario:
Fotografie:
Montage:
Muziek:
Vertolking: |
Paul Haggis
Paul Haggis en Bobby Moresco
James Muro
Hughes Winborne
Mark Isham
Sandra Bullock (Jean Cabot), Don Cheadle (Graham Walters), Matt
Dillon
(Ryan), Jennifer Esposito (Ria), William Fichtner (Flanagan)
|
|
|
Geweld, een toevalsproduct?
 |
U heeft wel eens gehoord van de smeltkroes Amerika. Of van het
postmoderne LA, een gigantische puzzel van wijken zonder
historisch centrum. Ooit werd dit afgeschilderd als de
samenleving van de toekomst, al wisten velen wel beter terwijl
ze dachten aan wijken als South-Central en andere. De jaren 1990
werden getekend door hevige rellen die ontstonden na
politiegeweld op de jonge zwarte ongewapende Rodney King. Los
Angeles, ‘the city of angels’, stond in vuur en vlam. Raciale
spanningen waren sterker dan ooit. De illusie was doorprikt.
Paul Haggis, scenarist van onder andere A Million Dollar Baby,
heeft zo zijn eigen visie op de metropool LA, die we bezwaarlijk
naïef kunnen noemen. Gelukkig verstaat hij de kunst om in de rol
van regisseur die visie tot een prachtige en aangrijpende film
te smeden, die een beeld geeft van LA, van de lach tot de traan
en terug. Geen rauw sociaal drama of documentaireachtige
hobbelcamera’s, maar een puntgave visuele trip levert hij af. De
titel Crash zet meteen de toon voor deze opmerkelijke film.
David Cronenberg zette ons met een gelijknamige film, naar een
roman van J.G. Ballard, al ooit aan het denken over de opwinding
die verkeersongevallen bij vele mensen veroorzaken. Kijkfiles
zijn het beste bewijs. Maar Haggis gaat duidelijk een andere
toer op, al spelen ook hier frustraties en perversies hun rol.
Hij laat één van de hoofdpersonages zich aan het begin van de
film luidop afvragen of mensen in LA nog wel in staat zijn tot
spontaan persoonlijk contact. Iedereen verplaatst zich in de
veilige cocon van zijn eigen auto, waarbij enkel botsing
garanties lijken te geven voor intermenselijk contact. Misschien
een wat vergezochte visie, maar een prachtig beeld van het
vandaag de dag in het hele Westen (Europa inclusief) alom
heersende individualisme annex materialisme. En toch is er nog
leven, menselijk leven, met authentieke menselijke gevoelens. Er
is nog veel goede wil en ruimdenkenheid, maar evenveel domheid
en frustratie. Om al die gegevens en gevoelens in een
hedendaagse context in beeld te brengen hebben Haggis en Moresco
een ingenieus scenario uitgewerkt. Ze leveren daarmee voer voor
de theorie dat een goede film begint bij een goed verhaal.
Dat verhaal is niet schokkend nieuw, maar volgt het
puzzelpatroon dat we kennen van film als Altman’s Short Cuts tot
Inárritu’s 21 grams. Zeven groepjes hoofdpersonages volgen we,
samen met een bende nevenpersonages. Rode draad is de
confrontatie op verschillende niveaus met racisme, van in de
politiek tot op straat. Lijkt dit gegeven oorspronkelijk wat
geforceerd, dan wordt al snel duidelijk dat het meer is dan een
kapstok. Racisme is nu eenmaal jammer genoeg een sleutelgegeven
in deze stad waar tientallen tot honderden nationaliteiten
proberen te leven en te overleven. Naast elkaar en soms
tegenover elkaar, waarbij de hoeders van de wet en de gelijkheid
soms zelf danig over de streep durven gaan. Uit racisme volgt
geweld, maar het is de verdienste van de filmmakers om niet te
blijven spartelen in dit drijfzand. Ze blijven geloven in de
onvoorspelbaarheid van mens en leven: mensen kunnen leren en
veranderen, maar dat doen ze jammer genoeg niet altijd in de
juiste richting. Hoop volgt op angst, humor loopt naadloos over
in geweld, vooroordelen voeden haat. Zo springt de film, dankzij
een wervelende montage, van de ene tak op de andere, zonder
echter de stam uit het oog te verliezen.
De oorsprong van het verhaal ligt in een carjacking in 1991 waar
Haggis zelf het slachtoffer van werd. Zo’n 10 jaar later dook
deze ervaring onverwachts opnieuw op en zette het hem aan het
denken en fantaseren over wie de daders waren, vanwaar ze kwamen
en met wie ze in contact zouden komen. De basis voor de film was
gelegd. Hoewel heel wat verschillende personages de revue
passeren, wordt er toch veel tijd uitgetrokken voor enkele zeer
emotionele scènes. Het zijn deze scènes die het langst
bijblijven en die de film zijn kracht geven. Crash is geen big
budget film, maar een heel persoonlijk verhaal dat vanuit een
concrete uitvalsbasis de vinger wel op de wonde legt, maar niet
in de lucht steekt.
|
|
 |
|