
Officiële site
|
03 10 2006
Regie:
Scenario:
Fotografie:
Montage:
Muziek:
Vertolking:
|
|
Jarhead |
Duitsland
USA |
2005 |
123' |
Sam Mendes
William Broyles Jr.
Roger Deakins
Walter Murch
Jim Morrison, Thomas Newman
Jake Gyllenhaal, Scott MacDonald, Peter Sarsgaard, Jamie Foxx,
Lo Ming, Lucas Black |
|
|

Als de rook om je hoofd is verdwenen... |
“Jarhead” is gebaseerd op de in 2003 gepubliceerde memoires van
ex-marinier Anthony Swofford. Hierin beschrijft hij zijn
opleiding in een bootcamp, zijn ervaringen tijdens de Golfoorlog
in 1991 en de nasleep van dit alles wanneer hij terug thuis is.
“Swoff” is een 20-jarige jongen die zich vrijwillig bij het
Amerikaanse Korps van de “Marines” aanmeldt. Zijn motivatie: “I
got lost on the way to College, Sir”. Hij was enigszins
voorbestemd (zijn vader was een Vietnam-veteraan), vele anderen
van zijn kompanen hebben maatschappelijk de boot gemist en voor
hen wordt het leger hét middel om uit te vinden wie ze zijn en
wat ze willen worden, om zich maatschappelijk een status te
verwerven die het burgerleven hen nooit zou gegund hebben. Om
zover te komen moet eerst alles worden afgebroken wat een nieuw
begin in de weg staat. De klassieke opleidingssequenties
herinneren dan ook aan Full metal jacket, maar snel ontpopt
“Jarhead” zich tot een hoogst ongewone, zeer originele en
indringende oorlogsfilm.
Klaargestoomd om oorlog te voeren, opgepept en opgehitst en vol
adrenaline vertrekt “Swoff” (opgeleid tot “sniper”) als 1 van de
meer dan 500.000 soldaten naar Kuweit. Maar eenmaal in de
bloedhete, Arabische woestijn aangekomen, leert Swoff algauw dat
er geen procedure bestaat om met mentale aftakeling om te gaan.
Hij en zijn grofgebekte makkers bereiden zich voor op een oorlog
tegen Irakezen die zich niet laten zien, in een bar gebied waar
ze geen voeling mee hebben, voor een doel waar ze weinig inzicht
in hebben, met in het hoofd op den duur alleen nog maar chaos en
in het hart emotionele wanorde. En al waar Swoff op wacht is dat
ene schot, die ene kogel die hij door het hoofd van een Irakees
mag jagen...
Sam Mendes, de Britse regisseur die wereldberoemd werd met zijn
fantastische debuutfilm "American Beauty" (1999) en zijn
genialiteit bevestigde met het stilistisch geperfectioneerde
"Road To Perdition" (2002), zorgt nu met “Jarhead” voor een
bijna atypische oorlogsfilm. Hij is nadrukkelijk niet
geïnteresseerd in het grote oorlogsverhaal, maar wil doordringen
in de psychè van de wachtende soldaat. Want voor de soldaten
lijkt deze 1ste Golfoorlog in niets op de actie die ze uit de
traditionele oorlogsfilms kennen. Het is vooral een psychische
strijd van constant op scherp staan en toch geen donder
uitvoeren. Juist omdat er zo weinig gebeurt, neemt het verhaal
van 'Jarhead' niet de wendingen die van een oorlogsfilm te
verwachten zijn.
Het is regisseur Sam Mendes immers vooral te doen om de beleving
van de mariniers zelf.
Die beleving heeft weinig weg van de situatie tijdens de oorlog
in Vietnam, maar de impact op de levens van de soldaten uit
Swoffs generatie zal hetzelfde zijn. Dat wordt pijnlijk
duidelijk wanneer een verlopen Vietnamveteraan onder een treurig
aanmoedigend "semper fi" de jongens onthaalt bij hun thuiskomst.
“Iedere oorlog is anders, iedere oorlog is hetzelfde” zegt de
protagonist op het einde.
De hele film ademt existentiële crisis (let op de opvallende
verwijzingen in de film naar Camus’ “L’Etranger”), doelloosheid
en zinloosheid uit. Mendes wil met “Jarhead” een volgens hem
noodzakelijke aanvulling geven op de kleine, grafische beelden
van de zogenaamde precisiebombardementen op huizen en straten,
waarmee het Pentagon ons tijdens de 1ste Golfoorlog bestookte,
beelden die van elk menselijk gevoel ontdaan waren. De memoires
van Swoff bieden de mogelijkheid om door zijn ogen de menselijke
kant van de oorlog te verkennen, om naar de plek te gaan waar we
van het Pentagon niet mochten komen: de frontlinie in Irak en
vooral: in het hoofd van de mannen die daar moesten vechten.
Toen de film in de zalen kwam, waren vele “linkse” critici
ontgoocheld omdat 'Jarhead' geen kritiek levert op het
Amerikaanse beleid. Wie echter goed oplet, hoort 1 van de
personnages (Foster met name) markante opmerkingen maken over de
oliebelangen, de censuur in en tegenover de pers en het gevaar
van niet geteste medicatie die de soldaten moesten innemen tegen
mogelijke chemische aanvallen. En vaak schreeuwen beelden
stilzwijgend luider dan duizenden woorden: op een onthutsende
manier brengt Mendes 1 van de schandvlekken van de 1ste
Golfoorlog in beeld, wanneer hij Swoff en zijn makkers door de
volledig kapotgebombardeerde “Highway of Death” laat stappen.
De acteerprestaties in deze film zijn knap en indringend en
vooral Jake Gyllenhal laat zien dat hij als jong acteur heel wat
in zijn mars heeft, want inhoudelijk kan er geen groter verschil
bestaan tussen de rol die hij in deze film vertolkt en zijn
prestatie als sentimentele, verliefde homo-cowboy in “Brokeback
Mountain”. Bovendien werd er niets aan het toeval overgelaten:
zo volgden de acteurs enkele dagen een opleiding zoals echte
marines.
Vormelijk en visueel is deze film adembenemend. Het
breedbeeldformaat maakt de woestijn nog verlatener. Omdat de
film grotendeels verteld wordt vanuit het perspectief van Swoff
(met voice-over, zoals ook in American Beauty het geval was),
kozen Mendes en Roger Deakins consequent voor beelden die vaak
vertrekken vanuit close-ups van Swoff, beelden op ooghoogte,
geen beelden vanuit helicopters, geen mathematisch correcte
shots op statief of op rails, zoals in "Road To Perdition", maar
wel een grof realisme dankzij een losse camera die a.h.w. met de
soldaten meerent.
De zinderende, desolate woestijnlandschappen worden zeer
klinisch weergegeven door het intrigerende camerawerk van
grootmeester Roger Deakins (Fargo, Kundun), terwijl de
oorlogszone in oranje/zwarte kleuren wordt gehuld en zo
refereert aan de post-apocalyptische nachtmerrie van Coppola's
Apocalypse Now. De esthetiek die vele shots met zich meedragen
is vaak van een ongehoorde schoonheid. Daarnaaast ondersteunt de
schitterende en zeer gevarieerde soundtrack op een intelligente
wijze de beelden.
Tenslotte nog dit: in een interview naar aanleiding van de film
vertelde Swofford dat hij in zijn rugzak een exemplaar van
Homeros’ Ilias bij zich had en er vaak fragmenten uit las toen
hij ter plaatse was. De oudste beschrijving van een conflict
tussen Oost en West in een gebied dat niet eens zo gek ver
verwijderd was van de plaats waar Swoff zich bevond, schokte en
ontroerde hem tegelijkertijd.
Bovendien levert 1 van de vele versies van de oorlog rond Troje
ons een interessante parallel op. Die versie luidt dat Helena na
haar ontvoering nooit in Troje geweest is, maar heel die tijd in
Egypte verbleef. Dus: de Grieken voerden gedurende 10 jaar
oorlog om iemand die er finaal niet was. In de 2de Golfoorlog
voerden de Amerikanen oorlog om vernietigingswapens die er
uiteindelijk niet bleken te zijn... Meer levend dan dat kan de
oude, zogezegd dode geschiedenis niet zijn... |
|