
Lees recensie >>>
Officiële site
met trailer
|
27 03 2007 Regie:
Scenario:
Fotografie:
Muziek:
Montage:
Vertolking: |
Robert Altman
Garrison Keillor
Edward Lachmann
Jacob Craycroft
Garrison Keillor (zichzelf), Meryl Streep (Yolanda), Tommy Lee
Jones (Axeman), Kevin Kline (Guy Noir), Virginia Madsen (Asphodel) |
|
|

Ode aan het leven |
In de openingsscène, die de sfeer oproept van Edward Hoppers
meesterwerk “Nighthawks”, zien we hoe Guy Noir het Fitzgerald
Theater in Saint Paul, Minnesota, binnenstapt. Noir, wiens
carrière als detective in het slop zit, werkt er als
veiligheidschef tijdens de aldaar opgenomen live-uitzendingen
van de razend populaire radio-show ‘A Prairie Home Companion’,
“the kind of show that died 50 years ago, but somebody forgot to
tell them, untill this night”. Want een groot bedrijf uit Texas
heeft het gebouw opgekocht en wil er een parkeergarage van
maken...
Tijdens deze laatste avond neemt Altman ons mee achter de
schermen. Op een rustige, elegante manier dwaalt de camera van
de coulissen naar het podium, van de kleedkamers naar de
kelderverdieping. Zoals we dat van Altman gewoon zijn, maken we
intussen kennis met tal van personnages: de sublieme Garrison
Keillor, de onderkoelde, kurkdroge, maar verbaal briljante
presentator die met nooit geziene flair het programma aan elkaar
zingt en praat met uitspraken zoals: “Life is a struggle and if
you should ever really be happy, be patient: this will pass.”;
de Johnson-zusjes (met een sublieme Meryl Streep) die, perfect
op elkaar afgestemd, vele ontroerende, weemoedige duetten
brengen; het idiote cowboy-duo Dusty en Lefty, wiens grappen zo
flauw zijn dat je er toch moet om lachen, de wanhopige producer,
de regie-assistente,... kortom: een caleidoscoop van warme,
menselijke figuren, die ons een waarachtige “tranche de vie”
geven. Doorheen dit decor waart, voor velen onzichtbaar, een
“engel des doods”, Asphodel (volgens de Griekse mythologie een
bloem die welig tierde in de vlakten van de onderwereld en het
geliefkoosde voedsel van de schimmen was). Met deze femme fatale
geeft Altman aan zijn film een indringende, symbolische
dimensie: het is niet enkel een nostalgische terugblik op een
verloren gegaan tijdperk, het is een liefdevolle ode aan het
afscheid, aan een leven dat voorbij is. En hoewel de dood door
de film dwaalt, is de sfeer helemaal niet somber, maar
berustend, melancholisch en zelfs opgewekt. Als je je realiseert
dat dit Altmans allerlaatste film is, krijgt zijn filmtestament
een nog veel emotioneler impact.
De vele grappige en diepzinnige quotes die Altman bijna
ongemerkt in zijn dialogen binnensmokkelt, zorgen niet enkel
voor een vervreemdend komisch effect maar doen deze film ook
langzaam doorsijpelen tot in de diepste vezels van je hart. De
film knettert als een gezellig haardvuur in winterse dagen en
een warme, behaaglijke gloed doordringt ons, toeschouwers, wij
die gestresst en verkrampt meehollen in de niets ontziende
“vooruitgangsrace”.
Dat deze film zich als een zachte wollen deken om je ziel slaat
is mede een gevolg van de uitmuntende, doorleefde
acteerprestaties. Naast een pleiade aan steracteurs (Kevin
Kline, Tommy Lee Jones, Woody Harrelson), die de countrynummers
zélf zingen en spelen, bestaat de cast vooral uit mensen die
a.h.w. zichzelf vertolken, o.a. de muzikanten en de presentator
Garrison Keillor. Deze geboren entertainer en tevens dé
spilfiguur van de PHC-show heeft trouwens zélf het script
geschreven.
Want, vergis u niet: deze show, in de U.S.A even legendarisch
als ‘Te bed of niet te bed’ van Jos Gheysen en ‘Het
Leugenpaleis’ van Bart Peeters en Hugo Matthysen bij ons,
bestaat nog steeds. Begonnen in 1974, gaat deze show nog altijd
elke week op zaterdagavond rechtstreeks in de ether, meestal
vanuit hetzelfde theater in Minnesota, soms op locatie ergens in
de Verenigde Staten of overzee voor een trouw publiek van meer
dan 4 miljoen luisteraars. Altman volgt in zijn film grotendeels
de “format” van deze radio-show, gaande van het traditionele
openingsnummer van Spencer Williams, over de vaste acts van de
cowboys Lefty en Dusty tot de fictieve, gezongen en vaak
hilarische reclameboodschappen voor de zogenaamde sponsors zoals
daar zijn: ‘Powdermilk Biscuits’, ‘Be-Bop-A-Re-Bop Rhubarb Pie’
en ‘Guy’s Shoes’. Ook de privé-detective Guy Noir (een parodie
op de typische clichés van de “pulp-fiction novel” en de film
noir) krijgt tijdens de echte radio-show een prominente rol en
wordt vertolkt door de presentator Keillor zélf.
Altman is m.a.w. vertokken vanuit de realiteit, maar door er het
aspect van de allerlaatste uitzending aan toe te voegen, trekt
hij de film open tot een innemende mijmering over afscheid,
verlies en dood. In het voor Altman typische decor van een “huis
clos” wordt in deze meeslepende ensemblefilm afscheid genomen
van alles wat onherroepelijk voorbij gaat. Voor Altman en de
personages in de film is dit evenwel geen reden om de moed te
laten zinken, want in de maalstroom van de tijd betekent elk
einde een nieuw begin: “Every show is your last show” zegt
Keillor. Je carrière afsluiten met een hoopvol berustend, warm
en innemend filmtestament is enkel gegeven aan de
allergrootsten. Bedankt Robert Altman! |
|