|
|

‘Op de rand van zelfdestructie.’ |
Gouden Leeuw van de Toekomst op het festival van Venetië,
Cultuurprijs Vlaamse Gemeenschap
Khadak wordt gedraaid in aanwezigheid van de regisseurs Peter
Brosens en Jessica Woodworth.
Een uniek evenement in het kader van ons 55-jarig Jubileum!

Benelux
Pers over Khadak (PDF)
Internationale Pers over Khadak (PDF)
Zowel internationaal als nationaal scoorde Khadak zeer goed bij
de critici. De eerste fictiefilm van Leuvenaar Peter Brosens en
zijn Amerikaanse evenknie Jessica Woodworth is dan ook niet
zomaar een film. Zowel vormelijk als inhoudelijk durft deze film
onbetreden paden verkennen. Vormelijk, o.a. door zich niet te
onderwerpen aan de door Amerikaanse studio’s gepromote
conventies van het scenarioschrijven. Inhoudelijk door een
verhaal te vertellen dat dringend moet verteld worden.
Het eerste deel van het verhaal lijkt op het eerste gezicht op
het gros van de films over het Mongoolse nomadenleven in de
wijdse steppen. Geharde families leven er nog in traditionele
tenten en zijn grotendeels zelfvoorzienend. Hun leven is sober
en hun wereldbeeld een mengeling van aloude elementen, o.a. uit
het boeddhisme. Over deze nomaden zijn prachtige films gemaakt
en boeken geschreven. Maar ook in Mongolië doen globalisering,
markteconomie en multinationals hun ding. Zowat de helft van het
land is in concessie gegeven aan buitenlandse
mijnbouwconglomeraten. En de nomaden die niet uit eigen beweging
richting stad trekken om een graantje mee te pikken van de vrije
markt, worden vaak noodgedwongen die richting uitgestuurd. Daar
komen ze terecht in povere arbeiderswoningen en gigantische open
mijnen, waarin de sporen van hun ooit zo rijke cultuur en
godsdienst heel snel verdwijnen. Brosens en Woodworth willen
zowel de kracht van die traditionele cultuur als de realiteit
van de verdwijning ervan in beeld brengen, maar zonder
sentimenteel te worden of propagandistisch. Het verhaal begint
bij de jonge Bagi, die lijdt aan epilepsie. Zijn ouders zijn
ongerust, maar volgens een oude sjamaan is dit een teken dat de
jongen geroepen wordt om zelf sjamaan (priester, voorspeller,
genezer, …) te worden. Niet ingaan op de roep van het lot zou
wel eens zware gevolgen kunnen hebben. Of het nu aan Bagi ligt
of niet, zijn familie wordt wat later met weinig subtiele dwang
richting mijnen gestuurd, waar de film een heel andere dimensie
krijgt. Bagi doet er zijn ding, totdat hij in aanraking komt met
de dievegge Zolzaya en haar crew, een soort generatie X met
anarchistische neigingen.
Wat de vorm betreft, omschrijft het duo Brosens – Woodworth hun
film als een filmpoëtische tragedie. Beiden zijn verslaafd aan
cinema en kunnen het dan ook niet laten om hun favoriete
filmauteurs te vernoemen. Die voorbeelden zijn eerder Europees
en Aziatisch dan Amerikaans. In hun eigen film vertaalt zich dat
naar een onconventionele opbouw, waarbij de vorm wordt aangepast
aan de inhoud en niet (zoals meestal gebeurt) de inhoud aan de
vorm. Voor beide filmmakers is dit hun debuut, maar ze hebben al
meer dan hun sporen verdiend met het maken van documentaires.
Alle voorgaande films van Peter Brosens, die van opleiding
cultureel en visueel antropoloog is, situeren zich in Mongolië.
Maar ook in die films verwerkte hij verhalende elementen en door
zijn eerder improviserende manier van werken ontwikkelde hij
gaandeweg een eigen filmstijl. Van een traditionele
documentairestijl is momenteel nog weinig te merken en Khadak
neigt dan ook eerder richting magisch-realisme. De beelden zijn
wondermooi, maar soms ook beklemmend. De leegte van de steppe is
bijvoorbeeld een stille, intense en contemplatieve leegte. De
leegte van de arbeiderssteden is echter een holle, zinloze
leegte, wat een duidelijk vervreemdingseffect teweegbrengt. We
zien de Mongoolse wereld ook voor een stuk door de ogen van Bagi,
de jongeman met epilepsie. En dat heeft zo zijn gevolgen voor de
opbouw van het verhaal en de overgang tussen verschillende
scènes. Mocht Khadak op u af een toe een wat bevreemdende indruk
maken, wees dan blij, want het laat u misschien een fractie
voelen van wat zoveel mensen daar ter plaatse momenteel
dagdagelijks meemaken, wanneer ze van de ene dag op de andere
een traditie van eeuwen moeten omruilen voor de machinerie
waarvoor alleen zo veel mogelijk winst op zo weinig mogelijk
tijd geldt. |
 |
|