
Lees recensie >>>
|
03 03 2009
Regie:
Scenario:
Fotografie:
Muziek:
Montage:
Vertolking:
|
Antonello Grimaldi
Nanni Moretti, Laura Paolucci & Francesco Piccolo
naar de roman van Sandro Veronesi
Alessandro Pesci
Paolo Buonvino, Radiohead, Rufus Wainwright & Antonello Grimaldi
Angelo Nicolini
Nanni Moretti (Pietro Paladini), Blu Yoshimi Di Martino
(Claudia), Silvio Orlando, Valeria Golino (schoonzus), Isabella
Ferrari (geredde vrouw), Alessandro Gassman, Laura Paolucci,
Francesco Piccolo, Denis Podalydčs, Roman Polanski
|
|

Keuze tussen kind en beroep? |
‘Innerlijke chaos of verwarring’, zo kan je de titel van dit
zachte filmpareltje best begrijpen. De kalmte van deze
industrieel bij de plotse dood van zijn vrouw is verontrustend,
alsof hij voortaan enkel luistert naar zijn eigen innerlijke
monoloog. Zijn emoties lijken volledig verinnerlijkt, uiterlijk
onbestaand. En toch borrelt tussen herinnering en actie een
intens gevoelsleven. Scenarist en hoofdacteur Nanni Moretti,
zowat de meest actieve regisseur in Italië waar hij alom
gewaardeerd wordt voor zijn eigen films ‘La Stanza del Figlio’,
‘Caro Diario’ en ‘Aprile’, weigerde de regie voor de verfilming
van Sandro Veronesi’s roman ‘Caos calmo’, omdat ‘innerlijk
acteren’ moeilijk te rijmen valt met de organisatiedrukte die
een regisseur overvalt. Het rouwthema, zo indringend door
Moretti zelf in beeld gezet en vertolkt in het aangrijpende ‘La
Stanza del Figlio’ , zou teveel vergen van zijn concentratie.
Antonello Grimaldi, levensgenieter en vooral werkzaam voor
televisie, tilde de thematiek op, met een opmerkelijk Italiaans
gevoel voor licht, rust en lichtvoetigheid. Hij gunt het
verwerkingsproces van Pietro tijd, laat hem toe een pauze in te
lassen en een poosje stil te staan , uit de tredmolen van zijn
druk bezet beroepsleven te stappen, alles op een rijtje te
zetten, alleen.
Oorzaak van deze plotse ommekeer is de fatale hartaanval van
zijn vrouw. Meteen dreigt het hele levensschema van zijn
tienjarig dochtertje en van hemzelf stil te vallen, wat hem
noopt eerst praktische maatregelen te nemen. Blijkt dat zijn
voorlopige beslissing inzake zijn dochtertje als vanzelf een
verlengstuk krijgt, wat de organisatie en verwachtingen van
anderen, familie, collega’s, baas, schoonzus en onbekenden plots
beďnvloedt. De omkering in het dagelijks patroon, de stilstand ‘far
from the madding crowd’, de pauze in het beroepsleven, de
plaatsverandering die ook de werkroutine doorbreekt en ongewild
nieuwe ontmoetingen mogelijk maakt, geven inzicht in de
verstilde emoties, goedheid en mentaliteit van deze toch wel in
zijn diepste ‘ik’ geraakte vader en directielid van een firma,
geconfronteerd met een fusiedreiging.
Het pleintje tegenover de school van kleine Claudia wordt zijn
vluchtheuvel, zijn ruimte voor herbronning, zijn rustbrengend
eilandje of retraiteplekje waar hij stilaan de balans opmaakt
van leven en werken, van droom en werkelijkheid, van essenties
en bijkomstigheden. Het dagelijkse leventje om en rond dit
pleintje ritmeert zijn ontwaken, zijn afscheid van een
ongevraagde bladzijde, zijn bewustwording van andere opties in
zijn leven. Ontmoetingen die hem ‘verstrooien’, afleiden van
zijn verdriet en van zijn ietwat verdwaasde immobiliteit, openen
stilaan zijn ogen en zijn hart, maken hem bewust van de
natuuromgeving, leren hem weer ademen, uitkijken, verwach-tingen
opbouwen die eerst toevallig, later actiever ingrijpen in zijn
mijmering, geven hem weer wat zin en beweging in zijn dagelijkse
stilstand. Het bankje wordt de ontmoetingsplaats bij uitstek van
wie hem opzoekt : collega’s, broer, vrienden, schoonzus, baas,
een jonge dame met hondje, het jongetje met het syndroom van
Dow. En de toevallige voorbijgangers beginnen zijn aanwezigheid
vertrouwd aan te voelen. Het leventje rondom herneemt zijn
gangetje : hij kijkt toe, voorlopig, neemt mettertijd, ietwat
van op afstand, deel aan dit buitenritueel dat zijn dag wachten
op Claudia ‘vult’. Tot de energie van die plek hem genoeg
‘vervult’ om er weer tegenaan te gaan, zijn leven verder te
leven, zonder hevige illusies of dromen, maar met een zeldzame
rust en stille daadkracht, met herwonnen vertrouwen wachtend op
de dag van morgen.
Regisseur Grimaldi wil een goed verhaal raak in beeld zetten,
zonder drammerig of opdringerig te zijn, in een rustige
beeldregie die vertellend voortkabbelt, zonder opsmuk. Hij is er
de man niet naar om dit ingetogen gegeven te dynamiteren met
bruuske en flitsende camerabewegingen of montage-trucs. Hij wou
het accent van rouwproces verleggen naar een verwerkingspoging
die door de plotse stop van een overlijden aanleiding kan zijn
voor een broodnodige pauze. In deze context is hij vooral
geboeid in toevallige menselijke ontmoetingen die het vertrouwen
helpen herstellen en, mettertijd, de draad weer helpen opnemen.
De klanken, de muziek en de geluiden begeleiden, in het begin,
spaarzaam, het gebeuren : het muzikaal hoofdthema wordt ook
daarom geleidelijk uitge-bouwd en pas in de slotscčnes in zijn
geheel ten gehore gebracht. De liedjes zijn sfeernummers die het
helingproces kleur en warmte geven. Beelden kunnen niet altijd
tonen wat een personage denkt en voelt : de chaos binnenin toon
je niet altijd. Die verstilde beheersing maskeert amper de
inner-lijke onrust. Of de regisseur onverwacht een heftige,
natte wensdroom inlast om een verdrongen nood aan te geven in
een periode van alleenheid, is niet meteen duidelijk,
noodzakelijk allerminst. Allicht een Italiaanse poging om de
stille routine van een alleenstaande vader aan heetgebakerde
Zuiderlingen te ‘verbeelden’. Deze verrassende scčne heeft
evenwel geen enkele invloed op de kwaliteit en de verdere
ontwikkeling van de film, wat zowat de enige spijtige noot is
bij dit hartver-warmend kleinood dat eindelijk nog eens aandacht
geeft aan alledaagse gevoelens die ieder van ons wel eens
overvallen in minder aangename momenten. ‘Caos calmo’ ? Het
overkomt ons allicht allemaal wel eens. Vandaar dit warme
kleinood, herkenbaar en gevoelig. Voor mensen met een hart voor
mensen. |
 |
|