|
Officiële site
met trailer |
02 03 2010 Regie:
Scenario:
Fotografie:
Muziek:
Montage:
Vertolking: |
|
Boy A |
Groot-Brittannië |
2007 |
100' |
John Crowley Mark O’Rowe naar de roman van Jonathan
Trigell Rob Hardy Paddy Cunneen Lucia Zuchetti Andrew
Garfield (Eric, alias Boy A), Peter Mullan (Terry), Katie Lyons
(Michelle), Victoria Brazier (Teacher)
|
|

Een nieuwe toekomst? |
De voorbije jaren werd ook ons land opgeschrikt door zinloze
moorden gepleegd door jongeren op jongeren. De namen van Joe Van
Holsbeeck (slachtoffer) of Hans van Temse (dader) liggen nog vers
in het geheugen. Krijgen zulke moordenaars een tweede kans of
moeten ze, ook al liep het grondig fout op prille leeftijd,
levenslang in de gevangenis blijven om onze maatschappij te
beschermen ? Mede uit respect voor de ouders, zijn antwoorden niet
zo simpel of evident. Het boeiend en fair jongerenportret dat de
film ‘Boy A’ schetst, kaart dit discreet aan. Door de kranten werd
de toenmalige tiener, vele jaren geleden, als “Jongen A”
bestempeld tijdens het proces waar hij samen met zijn vriendje
Philip, “Jongen B”, terecht stond wegens een afgrijselijke
misdaad. Hoewel niet gebaseerd op de zaak James Bulger, de Britse
peuter die in 1993 door twee tienjarige jongens werd ontvoerd en
vermoord, verfilmt regisseur John Crowley, met omzichtigheid en
schroom, de roman van Jonathan Trigell die zich baseerde op
ervaringen van een jeugdvriend.
Wanneer ‘Boy A’ vrijgelaten
wordt, krijgt hij een nieuwe naam, een nieuwe identiteit. Als
‘Jack’ moet hij zich een nieuwe plaats zoeken in de maatschappij.
Zijn begeleider Terry drukt hem echter op het hart nooit en aan
niemand zijn ware identiteit te onthullen. De kijker leert Jack
kennen als een ietwat schuchtere en onhandige jongen die duidelijk
een aantal sociale vaardigheden mist. Toch ziet zijn toekomst er
hoopvol uit en belooft zijn reïntegratie succesvol te verlopen.
Hij heeft werk, stelt zich overal positief op, maakt vlot vrienden
en begint zelfs een relatie. Wanneer hij het voor een vriend
opneemt in een vechtpartij en later toevallig een kind redt uit
een autowrak komt zijn anonimiteit in het gedrang. Parallel
daarmee wordt hij zelf ook meer en meer gekweld door zijn
verleden. Voor hem is het nog niet duidelijk of hij zichzelf kan
vergeven, of hij met zichzelf in het reine kan komen. Weegt het
redden van een leven op tegen de gruwelijke misdaad die hij ooit
gepleegd heeft ? Dankzij het ingenieuze scenario en de rustige
cameravoering krijgen we immers , via een aantal flashbacks, de
jongere versie te zien van Jack en de omgeving waarin hij
opgroeide.
Terwijl we sympathie opvatten voor de onzekere
maar moedige Jack krijgen we ook informatie over de gruweldaad uit
zijn jeugd, wat de emotionele betrokkenheid versterkt maar ook de
spanning doet stijgen. Een dubbel-zinnige ervaring : als
toeschouwer willen we echt wel weten wat hij heeft uitgespookt. En
dat roept uiteraard een aantal morele vragen op. Is Jack en jongen
A nog wel één en dezelfde persoon ? Verdient zo iemand een tweede
kans als jongen A ? Of is het de nieuwe persoon, Jack, die die
tweede kans verdient ? En wie beslist over de tweede kans : de
maatschappij (gerecht en sociale diensten) of de roddelpers die
agressieve berichtgeving en heksenjacht in ‘tabloid magazines’
veel lonender vindt. Hoe reageert de gemeenschap onder druk van
sensatiepers ? Afhankelijk van het standpunt dat familie, dader,
buitenstaander en kijker innemen, kunnen andere oordelen
geformuleerd. Een échte uitweg lijkt veraf.
Regisseur John
Crowley opteerde voor beelden zonder geweld die bol staan van
suggestie. In de beste traditie van de Britse sociale film à la
Ken Loach had hij ook kunnen kiezen voor een semi-documentaire
stijl, maar hij gaf de voorkeur aan een heel persoonlijke, soms
bijna poëtische aanpak met nogal wat tegenlichtopnamen. De
fotografie is ook lichtjes korrelig met warme kleuren voor het
heden en donkerder tinten voor het verleden. En wat de film
bovendien zo confronterend sterk maakt, is de intieme sfeer die
wordt opgebouwd door de talrijke close-ups en de openhartige,
krachtige face-to-face gesprekken. De personages komen hierdoor
alleen maar mooier tot hun recht. Schitterende acteerprestatie
trouwens van de hoofdrolspeler Andrew Garfield.
“Boy A” is
een veelgelaagde, psychologisch rijke film. Wars van elke vorm van
sensatie en goedkoop sentiment stelt de regisseur prangende vragen
over schuld en boete, vergiffenis en nieuwe kansen. Nooit wordt de
film prekerig, steeds blijft hij oprecht, mild, invoelend,
genuanceerd. Antwoorden geeft hij niet, dat laat hij aan de
wijsheid van de kijker over. Een knappe, indringende film over
jongeren op zoek naar een eigen identiteit. Mag het nog ? Kan dat
wel ? Of is heksenjacht onze regel ? En sterke film die zal
nazinderen. Zoveel is zeker. |
|